schoonheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schoon·heid
Woordherkomst en -opbouw
1 enkelvoud meervoud
naamwoord schoonheid -
verkleinwoord - -
2 enkelvoud meervoud
naamwoord schoonheid schoonheden
verkleinwoord schoonheidje schoonheidjes

Zelfstandig naamwoord

schoonheid v

  1. de hoedanigheid prachtig en aantrekkelijk te zijn
  2. iemand (in het bijzonder een vrouw) die schoonheid bezit
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Meer informatie