schommeling
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- schom·me·ling
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van schommelen met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | schommeling | schommelingen |
| verkleinwoord | schommelingetje | schommelingetjes |
Zelfstandig naamwoord
schommeling v
- het zwevend door de lucht heen er weer bewegen (in een schommel)
- het ondergaan van willekeurige kleine veranderingen met de tijd
- In tijden van economische onzekerheid ondergaan de aandelenkoersen soms grote schommelingen.
Synoniemen
- [2]fluctuatie
Verwante begrippen
Vertalingen
1.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.