schenden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- schen·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| schenden |
schond |
geschonden |
| klasse 3 | volledig | |
Werkwoord
schenden
- (overgankelijk) iets niet in acht nemen
- Zijn handelwijze schond een eerdere afspraak.
Uitdrukkingen en gezegden
- De rechten van iemand schenden.