scharnier
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- schar·nier
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | scharnier | scharnieren |
| verkleinwoord | scharniertje | scharniertjes |
Zelfstandig naamwoord
scharnier o
- een draaibaar verbindingsstuk tussen twee voorwerpen
- Ik zal dat piepende scharnier eens een drupje olie geven.
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
Naam met scharnieren.
- Jan Vermast van Gelderzande tot Machelen.
Vertalingen
1. een draaibaar verbindingsstuk tussen twee voorwerpen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| scharnieren |
scharnier
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scharnieren
- Ik scharnier.
- gebiedende wijs van scharnieren
- Scharnier!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scharnieren
- Scharnier je?
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.