schakelaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- scha·ke·laar
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van schakelen met het achtervoegsel -aar
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | schakelaar | schakelaars |
| verkleinwoord | schakelaartje | schakelaartjes |
Zelfstandig naamwoord
schakelaar m
- toestel om een elektrische stroomketen te sluiten of te onderbreken
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.