ruiken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rui·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ruiken
rook
geroken
klasse 2 volledig

Werkwoord

ruiken

  1. (overgankelijk) geur waarnemen met de neus
    Ik ruik iets.
  2. (absoluut) ~ naar een bepaalde geur verspreiden die met de neus waargenomen kan worden
    Ja, het ruikt hier naar gas.
  3. (inergatief) ~ aan met de neus onderzoeken
    Hij rook er eens aan en trok een vies gezicht.
Vaste voorzetsels
  • ruiken naar
Synoniemen
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.