riool

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ri·ool
enkelvoud meervoud
naamwoord riool riolen
verkleinwoord riooltje riooltjes

Zelfstandig naamwoord

riool o

  1. een vaal ondergronds kanaal voor de afvoer van drek
    Door de plotselinge stortbui liep het riool over.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen