riet
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- riet
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | riet | rieten |
| verkleinwoord | rietje | rietjes |
Zelfstandig naamwoord
riet o
- Phragmites australis, een plantensoort uit de grassen met een stevige stengel die langs het water voorkomt
- Hij ging vissen in het riet.
- (muziek) een uit bamboe vervaardigd onderdeel van een muziekinstrument uit de rietblazers
- Hij was bezig rieten te snijden voor zijn schalmei.
Afgeleide begrippen
- [1] rieten
Uitdrukkingen en gezegden
Iemand met een kluitje in het riet sturen.
- Iemand afschepen met een mooi praatje.
Anagrammen
Vertalingen
2. onderdeel muziekinstrument
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.