rechtvaardig
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- recht·vaar·dig
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | rechtvaardig | rechtvaardiger | rechtvaardigst |
| verbogen | rechtvaardige | rechtvaardigere | rechtvaardigste |
Bijvoeglijk naamwoord
rechtvaardig
- in overeenstemming met bepaalde ethische beginselen
- Naar onze mening is dat is geen rechtvaardig besluit.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. in overeenstemming met bepaalde ethische beginselen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| rechtvaardigen |
rechtvaardig
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rechtvaardigen
- Ik rechtvaardig.
- gebiedende wijs van rechtvaardigen
- Rechtvaardig!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rechtvaardigen
- Rechtvaardig je?