receptor
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- re·cep·tor
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | receptor | receptoren receptors |
| verkleinwoord | receptortje | receptortjes |
Zelfstandig naamwoord
receptor m
- (biochemie), (medisch), (natuurkunde) bestanddeel dat gevoelig is voor prikkels
- eiwit in het celmembraan, het cytoplasma of de celkern, waaraan een specifiek molecuul kan binden
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
- alfareceptor, baroreceptor, bètareceptor, cannabisreceptor, cb2-receptor, chemoreceptor, fotoreceptor, smaakreceptor, thermoreceptor
Verwante begrippen
Vertalingen
1. bestanddeel dat gevoelig is voor prikkels
Verwijzingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.