rapport

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Een rapport uit 1914.
Uitspraak
Woordafbreking
  • rap·port
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord rapport rapporten
verkleinwoord rapportje rapportjes

Zelfstandig naamwoord

rapport o

  1. een schriftelijk bericht of verslag over een gebeurtenis of toestand
    De commissie bood op 21 juli de president haar rapport Embracing the future aan.[2]
  2. (onderwijs) een schriftelijk bericht over de voortgang op school
    Als ik een rapport kreeg met allemaal zessen, kreeg ik te horen dat ik harder mijn best moest doen.
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. emerce.nl


Frans

Zelfstandig naamwoord

rapport m

  1. verhouding
  2. link


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • rap·port
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Frans.

Zelfstandig naamwoord

rapport m

  1. rapport, verslag
    «Den nye naturfagplanen sier at elevene skal gjøre undersøkelser og skrive rapporter
    Het nieuwe plan voor het leervak Natuurwetenschappen zegt dat studenten onderzoeken zullen doen en rapporten zullen schrijven.
Verbuiging
m enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   rapport     rapporten     rapporter     rapportene  
genitief   rapports     rapportens     rapporters     rapportenes  
Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • rap·port
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Frans.

Zelfstandig naamwoord

rapport m

  1. rapport, verslag
    «Ein del av dei eldre rapportane er dessverre berre tilgjengelege på nett fordi vi ikkje har fleire trykte originalar igjen.»
    Enkele van de oudere rapporten zijn helaas alleen online beschikbaar, omdat we geen gedrukte originelen meer overhebben.
Verbuiging
m enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   rapport     rapporten     rapportar     rapportane  
genitief                        
Afgeleide begrippen