prostatitis
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: prostatitis (hulp, bestand)
Woordafbreking
- pro·sta·ti·tis
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | prostatitis | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
prostatitis
- (medisch) ontsteking van de prostaat (een klier tussen blaas en penis bij de man)
Vertalingen
1. ontsteking van de prostaat (een klier tussen blaas en penis bij de man)