promoten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·mo·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
promoten
promootte
gepromoot
zwak -t volledig

Werkwoord

promoten

  1. (overgankelijk) reclame maken voor
    Hij promootte het feest.
Vertalingen