proloog

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·loog
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord proloog prologen
verkleinwoord proloogje proloogjes

Zelfstandig naamwoord

proloog m

  1. (taalkunde) inleidende rede van een tekst, voorwoord.
  2. (sport) bij grote meerdaagse wielerwedstrijden een korte tijdrit die als openingsrit wordt verreden
  3. (muziek) de inleiding tot een theaterstuk, opera, musical etc.
Antoniemen
Vertalingen

Meer informatie