praktisch

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • prak·tisch
stellend
onverbogen praktisch
verbogen praktische

Bijvoeglijk naamwoord

praktisch

  1. op een manier die ook echt uitgevoerd kan worden
    Er is toch wel een praktische oplossing te bedenken?
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen