postkantoor

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • post·kan·toor
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord postkantoor postkantoren
verkleinwoord postkantoortje postkantoortjes

Zelfstandig naamwoord

postkantoor o

  1. kantoor dat zich bezighoudt met de bezorging van post en vaak ook andere diensten levert zoals bankzaken, kaartverkoop, etc
Vertalingen