postbode
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- post·bo·de
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | postbode | postboden, postbodes |
| verkleinwoord | postbodetje | postbodetjes |
Zelfstandig naamwoord
postbode m
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. postbeambte
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.