plint

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plint
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plint plinten
verkleinwoord plintje plintjes

Zelfstandig naamwoord

plint v/m

  1. Een plint is een op vloerhoogte tegen een wand aangebrachte lijst, die de overgang tussen vloer en wand moet vormen.
    Door de plint blijft de muur schoon bij het dweilen

Meer informatie