plectrum
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- plec·trum
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | plectrum | plectrums of plectra |
| verkleinwoord | plectrummetje | plectrummetjes |
Zelfstandig naamwoord
plectrum o
- (muziek) het plaatje waarmee de snaren van tokkelinstrumenten kunnen worden aangeslagen
- Een plectrum hoort bij een mandolinespeler zoals de strijkstok bij de violist.
Verwante begrippen
Vertalingen
1. het plaatje waarmee snaren worden aangeslagen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.