plechtigheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plech·tig·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plechtigheid plechtigheden
verkleinwoord plechtigheidje plechtigheidjes

Zelfstandig naamwoord

plechtigheid v

  1. een sociale gebeurtenis die met ernst en ceremonieel gepaard gaat
    De plechtigheid werd ruw verstoord door een stel dronken motorrijders.
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen