planning
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- plan·ning
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | planning | planningen |
| verkleinwoord | planninkje | planninkjes |
Zelfstandig naamwoord
planning o
- het opstellen van en werken volgens plannen
- uitgewerkt plan van de (deel)werkzaamheden die achtereenvolgens uitgevoerd moeten worden om een werk, project enz. op een bepaald tijdstip te hebben afgerond
Afgeleide begrippen
- bedrijfsplanning, beleidsplanning, marktplanning, planningsbeleid, planningsmechanisme,planningsstrategie, strategieplanning
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.