picknick

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pick·nick
enkelvoud meervoud
naamwoord picknick picknicks
verkleinwoord picknickje picknickjes

Zelfstandig naamwoord

picknick m

  1. een maaltijd in de vrije natuur
    We hebben daar met dat heerlijke weer een picknick gehouden.
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
picknicken

picknick

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van picknicken
    Ik picknick.
  2. gebiedende wijs van picknicken
    Picknick!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van picknicken
    Picknick je?
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen