piccolo
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pic·co·lo
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | piccolo | piccolo's |
| verkleinwoord | piccolootje | piccolootjes |
Zelfstandig naamwoord
piccolo m
- (muziekinstrument) een blaasinstrument, sopranino-dwarsfluit, wordt zoals de dwarsfluit bespeeld door dwars over het mondstuk te blazen
- (muziekinstrument) een klein soort mondharmonica met minder aanblaasgaten en tongen dan een normale mondharmonica
- (beroep) lift- en loopjongen in een hotel
Synoniemen
- [1] piccolofluit
Verwante begrippen
Vertalingen
1. piccolofluit
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Frans
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| piccolo | le piccolo | piccolos | les piccolos |
Zelfstandig naamwoord
piccolo m
- (muziekinstrument): piccolo
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Italiaans
Woordafbreking
- pic·co·lo
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk | piccolo | piccoli |
| vrouwelijk | piccola | piccole |
Bijvoeglijk naamwoord
piccolo m