piccolo

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
enkelvoud meervoud
naamwoord piccolo piccolo's
verkleinwoord piccolootje piccolootjes

Zelfstandig naamwoord

piccolo;

  1. (muziekinstrument) een blaasinstrument, sopranino-dwarsfluit, wordt zoals de dwarsfluit bespeeld door dwars over het mondstuk te blazen.
  2. (muziekinstrument) een klein soort mondharmonica met minder aanblaasgaten en tongen dan een normale mondharmonica.

Verwante begrippen

Vertalingen

Meer informatie

Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen