personen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • per·so·nen

Zelfstandig naamwoord

personen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord persoon


Deens

Woordafbreking
  • per·so·nen

Zelfstandig naamwoord

personen, g

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van person


Noors

Woordafbreking
  • per·so·nen
Naar frequentie 2494

Zelfstandig naamwoord

personen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van person


Nynorsk

Woordafbreking
  • per·so·nen

Zelfstandig naamwoord

personen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van person