peiling
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pei·ling
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | peiling | peilingen |
| verkleinwoord | peilinkje | peilinkjes |
Zelfstandig naamwoord
peiling v
- (scheepvaart), (landmeetkunde), een voor bepaalde grootheden gebruikelijke naam voor de meting van hoogten (hemellichamen, bergen, wolken), diepten (zeewateren) , hoeken en richtingen in het horizontale vlak (koersen, kompasrichtingen) en statistische gegevens (opinies)
- Een peiling, dat klinkt toch minder exact dan “meting”, vind je niet?