pacemaker
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pace·ma·ker
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | pacemaker | pacemakers |
| verkleinwoord | pacemakertje | pacemakertjes |
Zelfstandig naamwoord
pacemaker m
- een elektronisch instrument voor het hart
- Veel mensen hebben tegenwoordig een pacemaker.