overtreffen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- over·tref·fen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| overtreffen |
overtrof |
overtroffen |
| klasse 3 | volledig | |
Werkwoord
overtreffen
- een voorheen behaald niveau te boven gaan
- Zij overtroffen daarmee een record dat lang standhield.
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
- de stoutste verwachtingen overtreffen
zo goed, dat kon niemand vermoeden