overgrootmoeder
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: overgrootmoeder (hulp, bestand)
- IPA: /ˈovərgrotˌmudər/
Woordafbreking
- over·groot·moe·der
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | overgrootmoeder | overgrootmoeders |
| verkleinwoord | overgrootmoedertje | overgrootmoedertjes |
Zelfstandig naamwoord
overgrootmoeder v
- (familie) de moeder van de grootvader of de grootmoeder
- Mijn overgrootmoeder is twee dagen geleden overleden.
Verwante begrippen
Vertalingen
1. de moeder van de grootvader of de grootmoeder