oudheid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- oud·heid
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | oudheid | oudheden |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
oudheid v
- het tijdperk van de geschiedenis vóór de middeleeuwen
- In de oudheid was het Romeinse Rijk een bijzonder belangrijke politieke eenheid.
- een overblijfsel uit [1]
- Hij houdt zich bezig met de studie van oudheden.
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.