opletten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·let·ten
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van letten met het voorvoegsel op-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opletten
lette op
opgelet
zwak -t volledig

Werkwoord

opletten

  1. (inergatief) bij voortduring aandachtig zijn
    Als je tijdens de les niet oplet, moet je niet vreemd opkijken dat je een onvoldoende krijgt.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen