onvoorstelbaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·voor·stel·baar
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | onvoorstelbaar | onvoorstelbaarder | onvoorstelbaarst |
| verbogen | onvoorstelbare | onvoorstelbaardere | onvoorstelbaarste |
Bijvoeglijk naamwoord
onvoorstelbaar
- waarvan men zich vooraf geen voorstelling kon maken
- Spanje is het meest in het oog springende voorbeeld, waar extra bezuinigen de recordwerkloosheid van 24 procent tot nog onvoorstelbaarder hoogte zullen [sic] opstuwen[1]