ontologie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·to·lo·gie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ontologie -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

ontologie v

  1. de tak van de metafysica die zich bezig houdt met het bestuderen van de aard van het bestaan of het zijn, zijnsleer
    Hij studeert ontologie op de universiteit van Leiden.
  2. (informatica) aanduiding voor een, door computers interpreteerbare, beschrijving van de werkelijkheid
    een ontologie bevat niet alleen feiten maar ook regels, gevat in logische formules. Uit dergelijke regels kan men nieuwe feiten afleiden met een automatisch redeneerprogramma
    ontologie bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl