ontladen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·la·den
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van laden met het voorvoegsel ont-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ontladen
ontlaadde
ontladen
gemengd volledig

Werkwoord

ontladen

  1. (overgankelijk) iets (bijv. een dier, voertuig enz.) van zijn last ontdoen
    Het ontladen van het voertuig.
  2. (overgankelijk) (natuurkunde) iets van zijn elektrische lading ontdoen
    Het laden en ontladen van een condensator.
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen