onervaren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·er·va·ren
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | onervaren | onervarener | meest onervaren |
| verbogen | onervaren | (onervarenere) | meest onervaren |
Bijvoeglijk naamwoord
onervaren
- ter zake nieuw
- De onervaren leraar kreeg te maken met een onwillige klas.