onderzoek
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Uitspraak
- Geluid: ònderzoek (hulp, bestand)
- IPA: /'ɔndərzuk/
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA: /ɔndər'zuːk/
Woordafbreking
- on·der·zoek
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | onderzoek | onderzoeken |
| verkleinwoord | onderzoekje | onderzoekjes |
Zelfstandig naamwoord
ònderzoek o
- het onderzoeken van iets
- Hij deed een onderzoek naar de herkomst van de Afrikaanse taal.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. het onderzoeken van iets
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| onderzoeken |
onderzóék
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onderzoeken
- Ik onderzóék.
- gebiedende wijs van onderzoeken
- Onderzóék!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onderzoeken
- Onderzóék je?
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.