ondergeschikte
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·der·ge·schik·te
Bijvoeglijk naamwoord
ondergeschikte
- verbogen vorm van de stellende trap van ondergeschikt
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ondergeschikte | ondergeschikten |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
ondergeschikte m
- iemand die onder het gezag van een ander valt