onderga

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak

(klemtoonhomogram)

Woordafbreking
  • on·der·ga

Werkwoord

vervoeging van
ondergaan

ondergá

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ondergaan
    Ik ondergá.
  2. gebiedende wijs van ondergaan
    Ondergá!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ondergaan
    Ondergá je?

Werkwoord

vervoeging van
ondergaan

ónderga

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ondergaan
    ... dat ik ónderga.