onderbouw

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·bouw

Werkwoord

vervoeging van
onderbouwen

onderbouw

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onderbouwen
    Ik onderbouw.
  2. gebiedende wijs van onderbouwen
    Onderbouw!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onderbouwen
    Onderbouw je?