onafhankelijk

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·af·han·ke·lijk
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen onafhankelijk
verbogen onafhankelijke

Bijvoeglijk naamwoord

onafhankelijk

  1. geen verbinding hebbend met.
    De linker en rechter vering is onafhankelijk van elkaar te verstellen.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen