noodzakelijkerwijs
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- nood·za·ke·lij·ker·wijs
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van noodzakelijk met het achtervoegsel -erwijs
Bijwoord
noodzakelijkerwijs
- te wijten aan de noodzaak, noodgedwongen
- De tijd dat de ondernemer zich noodzakelijkerwijs moest verdiepen in allerlei ICT-zaken is voorbij.
- door de wetten van de logica afgedwongen, onvermijdelijk
- Na bliksem volgt noodzakelijkerwijs donder.