nonchalant

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • non·cha·lant
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen nonchalant nonchalanter nonchalantst
verbogen nonchalante nonchalantere nonchalantste

Bijvoeglijk naamwoord

nonchalant

  1. achteloos, onbekommerd
    Het is wel een zeer nonchalante jongen.
Vertalingen

Origin: 1725–35; < French nonchalant, present participle of obsolete nonchaloir to lack warmth (of heart), be indifferent, equivalent to non- non- + chaloir < Latin calēre to be warm. See -ant

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen