nadruk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • na·druk
enkelvoud meervoud
naamwoord nadruk nadrukken
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

nadruk m

  1. een bijzondere aandacht die besteed wordt
    Hij legde de nadruk op de goede afwerking ervan.
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
nadrukken

nadruk

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nadrukken
    ... dat ik nadruk.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen