naïef

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • na·ief
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen naïef naïever naïefst
verbogen naïeve naïevere naïefste

Bijvoeglijk naamwoord

naïef

  1. onvoldoende bewust van de mogelijke gevolgen van eigen handelen
    Zijn naïeve opmerking zorgde voor grote hilariteit.