mutisme

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mu·tis·me
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Latijnse mutus met het achtervoegsel -isme.
enkelvoud meervoud
naamwoord mutisme -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

mutisme

  1. (medisch) onvermogen om te spreken
    Het kan zijn dat sommige kinderen selectief mutisme gedeeltelijk ontwikkelen door problemen binnen het gezin.
Vertalingen

Meer informatie



Frans

Zelfstandig naamwoord

mutisme m

  1. mutisme
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen