misselijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mis·se·lijk
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen misselijk misselijker misselijkst
verbogen misselijke misselijkere misselijkste

Bijvoeglijk naamwoord

misselijk

  1. tot braken geneigd
    Ik heb te veel kersen gegeten, waardoor ik misselijk ben.
  2. een nare indruk makend, onuitstaanbaar
    Wat een misselijke streek is dat!
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen