miss

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudengelse missan.
enkelvoud meervoud
miss misses

Zelfstandig naamwoord

miss

  1. gemis
vervoeging
onbepaalde wijs to miss
he/she/it misses
verleden tijd missed
voltooid
deelwoord
missed
onvoltooid
deelwoord
missing
gebiedende wijs miss

Werkwoord

miss

  1. missen
    «He is loved and missed by his devoted wife, his children, grandchildren and great grandchildren.»
    Hij wordt geliefd en gemist door zijn toegewijde vrouw, zijn kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen.
  2. ontbreken