misleiding
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- mis·lei·ding
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van leiden met het voorvoegsel mis- en met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | misleiding | misleidingen |
| verkleinwoord | misleidinkje | misleidinkjes |
Zelfstandig naamwoord
misleiding v
- een opzettelijke en geslaagde poging iemand een onjuiste indruk te geven
- De misleiding in dit verhaal is werkelijk doortrapt te noemen.