mirakel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mi·ra·kel
enkelvoud meervoud
naamwoord mirakel mirakels
verkleinwoord mirakeltje mirakeltjes

Zelfstandig naamwoord

mirakel o

  1. een wonderbaarlijke of onbegrijpelijke gebeurtenis
    Geen vorm van handel of ambacht heeft voor de naam van de steeg vlak achter de Marekerk gezorgd, maar een mirakel.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen