midwinter
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- mid·win·ter
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | midwinter | midwinters |
| verkleinwoord | midwintertje | midwintertjes |
Zelfstandig naamwoord
midwinter m
- periode van het midden van de winter
Verwante begrippen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.