menselijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- men·se·lijk
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | menselijk | menselijker | menselijkst |
| verbogen | menselijke | menselijkere | menselijkste |
Bijvoeglijk naamwoord
menselijk
- zoals de mens.
- Boos worden is nu eenmaal menselijk.
- humaan, goed voor de medemens.
- Als zij zich menselijk zouden opstellen waren er niet zo veel mensen gestorven.